Artikel in Herenhuis magazine

Schermafbeelding 2020 05 12 Om 13.58.02

Nieuw leven voor oud geelgietersambacht

Marketingman Bob Koning en zijn compagnon, industrieel ontwerper Rodny Heemskerk, stuitten in 2016 eigenlijk per toeval op een geelgieterij in ruste. De twee runnen op dat moment in Westpoort een goedlopend interieurdesign- en productiebedrijf, en zoeken met spoed extra loodsruimte. Hun buurman en goede vriend Floris van Konijnenburg kan hen die bieden – en meer. Koning: ‘In de ruimte stonden ook alle mallen en machines van een oude geelgieterij die voorheen kroonluchters maakte. Floris stelde voor om dat bedrijf met z’n drieën door te starten. Het technische en ambachtelijke paste wel in ons straatje en het leek ons een mooie uitdaging om dit Nederlandse erfgoedambacht in stand te houden.’

Schermafbeelding 2020 05 12 Om 14.14.12

Oud-Hollands

Het bleek te gaan om Brink & Van Keulen. Hoewel de naamgevers pas in 1946 in Haarlem begonnen met de vervaardiging van luchters van messing –oftewel geelkoper– dateren de ontwerpen van de honderden mallen uit de zeventiende eeuw. De historische waarde is dus groot. Afgietsels zijn te vinden over de hele wereld. ‘Iedereen kent er wel één, vaak zonder het te weten’, stelt Bob. ‘Tot ongeveer 2009 heeft het bedrijf voor veel Nederlandse kerken en overheidsgebouwen kroonluchters geproduceerd of gerestaureerd.’ Dan, wijzend op een foto uit het nieuwe Instagram-account van de geelgieterij: ‘Zelfs bij de inhuldiging van Willem-Alexander in de Nieuwe Kerk hangen ze; kijk maar, daarboven!’ Volgens Bob, inmiddels geelgietexpert, zijn de oud-Hollandse kroonluchters zeer onderscheidend. ‘De diep doorbuigende s-vorm van de armen met daaraan de dolfijnvormige voluten (krulornamenten, red.) zijn het handelsmerk, maar ook aan de bol herken je ze meteen.’

Hoogtepunt

Zodra de jonge ondernemers Brink & Van Keulen on- en offline goed op de kaart hebben gezet, komen de eerste opdrachten binnen. ‘Brink & Van Keulen ging na jaren van afwezigheid weer naar kerkenbeurzen en al snel kregen we ons eerste project’, aldus Bob. ‘Het betrof nieuwe kroonluchters voor een kerk in Ouderkerk aan den IJssel. Spannend, want we waren onervaren. Maar met behulp van een aantal oud-medewerkers is het goed gekomen.’ Twee jaar later volgt de tot nu toe omvangrijkste klus: vier massieve messing kroonluchters voor de Martinikerk in Groningen van elk een spanbreedte en hoogte van tweeënhalve meter – het grootst mogelijke formaat. ‘Een absoluut hoogtepunt’, noemt Bob het. ‘De oorspronkelijke exemplaren zijn in de oorlog verdwenen en nu stelde een donateur geld ter beschikking om nieuwe te maken. Aan de hand van een afbeelding hebben we de luchters ‘from scratch’ opgebouwd. Op één armtype na bleken we van alle onderdelen de mallen nog te hebben!’

Heel proces

Aan het op hun plek hangen van de luchters gaat een heel proces vooraf. Bob en consorten beschikken over de originele gietoven, maar de capaciteit ervan is beperkt en de veiligheid laat te wensen over. ‘Daarom werken we samen met een industriële gietpartner’, legt hij uit. Als de onderdelen gegoten zijn, volgens het oorspronkelijke proces met houten mallen en gietvormen van Brusselse aarde, zitten er bramen op. De ‘rauwe’ delen gaan vierentwintig uur in de trommelmachine met grind, zodat ze glad genoeg zijn voor het polijstproces. Uiteindelijk volgen de laatste stappen: het aflakken, assembleren en eventueel het aanleggen van bedrading. Het elektrische licht is bijzonder: ‘De ledlampen benaderen de kleur van kaarslicht. Speciaal voor het rijk ontwikkeld, maar ook bij ons verkrijgbaar.’

Schermafbeelding 2020 05 12 Om 14.14.24

Designelement

Tot tevredenheid van Bob weten, naast kerken en overheden, ook steeds meer particulieren de weg naar Brink & Van Keulen te vinden. ‘Er komen veel architecten die voor hun klanten replica’s van de oud-Hollandse kroonluchters willen. Voor een historisch jachthuis in Engeland of Frankrijk of juist voor een superstrak interieur. In dat laatste geval wordt de kroon- of wandluchter vaak als designelement gezien. Ook komt het voordat iemand die al een antieke luchter heeft er een of meerdere identieke bij wil. Zo’n serie is bij antiquairs vrijwel onvindbaar, terwijl wij ze vrij makkelijk reproduceren.’ Desgewenst kan het ontwerp zelfs worden aangepast. ‘Als men bijvoorbeeld iets langere armen wil, zou dat kunnen. Maar we houden wel vast aan de oervorm’, verzekert Bob. ‘En omdat de kroonluchters uit allemaal losse elementen bestaan, kunnen we ook ontbrekende delen namaken.’

Restaurateurs

De ‘reanimatie’ van de geelgieterij maakte van het drietal meer dan alleen een producent van nieuwe kroonluchters en onderdelen. ‘We zijn daarnaast archivarissen, handelaren, taxateurs en restaurateurs’, somt Bob lachend op. Om dat te illustreren, toont hij een betegelde ruimte die wel iets wegheeft van een slagerij. De metalen rekken hangen vol haken met daaraan kapitale oude kroonluchters in alle soorten en maten. ‘Sommige hangen hier ter reparatie. Door ze opnieuw te polijsten en te lakken krijgen ze hun glans terug’, licht hij toe. ‘Andere exemplaren zijn van mensen die hun erfstuk door ons laten waarderen of bemiddeling willen bij de verkoop. En weer andere moeten van elektra worden voorzien.’ Ook de luchters uit de Nieuwe Kerk in Delft heeft Brink & Van Keulen in bewaring. ‘Die gaan we binnenkort opknappen.’

Schermafbeelding 2020 05 12 Om 14.14.57

Uitbreiding collectie

In 2018 werd Brink & Van Keulen benaderd met het eervolle verzoek om alle zeventiende-eeuwse mallen over te nemen van het Belgische Schroeter-Aerts. ‘Een nazaat uit die familie was niet meer in staat de geelgieterij voort te zetten. We hebben de materialen overgenomen, omdat ze anders vernietigd zouden worden’, verklaart Bob. De kroonluchters van Schroeter-Aerts, veelal toegepast in België en Frankrijk, vertonen nauwelijks overeenkomsten met de oud-Hollandse luchterstijl. ‘Veel franjes en een hele andere techniek voor de opbouw van onderdelen’, vat Bob samen. ‘In tegenstelling tot Brink & Van Keulen bezitten we van Schroeter-Aerts wel een boekwerk waar alle modellen in staan. Het is mooi om nog zo’n beetje als enige in Europa zo’n grote collectie te hebben.’

3D-modellen

Nu de mannen het vak helemaal in de vingers hebben, zetten ze nieuwe stippen op de horizon. ‘We kijken hoe we het oude ambacht kunnen combineren met de nieuwste technieken.’ Daarmee doelt Bob onder meer op een computergestuurde freesmachine waarmee 3D-modellen gemaakt kunnen worden

Schermafbeelding 2020 05 12 Om 14.14.44

Artikel gepubliceerd in: www.herenhuis.nl

Tekst: Jasper Gramsma

Fotografie: Otto Kalkhoven

nl_NLDutch
en_USEnglish de_DEGerman nl_NLDutch